Begonnen met één tropische plant die de winter nauwelijks overleefde. Inmiddels staan er drie, boor ik gaten in bloempotten en probeer ik vooral uit te vinden hoe groot ik ze kan krijgen.
2025 – heden
Het begon simpel: ik vind grote tropische planten gewoon ontzettend gaaf, en bananenplanten helemaal. Van die enorme groene bladeren waar een hoek meteen anders van gaat voelen. Dat past wel bij de jungleachtige sfeer waar ik toch al van houd.
Het doel is niet ingewikkeld. Ik wil weten hoe groot ik een bananenplant kan krijgen. Niet voor een wedstrijd en niet omdat het ergens goed voor is. Gewoon omdat ik het leuk vind om iets kleins te zien groeien en steeds te proberen wat ik kan doen om het beter te laten gaan.
En zo werkt het dan: je koopt een plant, en daarna begint het pas. Meer licht? Grotere pot? Meer water? Voeding? Andere grond? Wat gebeurt er als je één ding verandert? Voor je het weet weet je veel meer over bananenplanten dan je van plan was.
De eerste: een Dwarf Cavendish
Mijn eerste bananenplant was een Musa Dwarf Cavendish. Die heb ik nu ongeveer een jaar. In het begin stond hij er vooral voor de sier: het idee was om hem zo groot en vol mogelijk te laten worden.
De eerste echte tegenslag kwam in de winter. Een Dwarf Cavendish is niet winterhard, en afgelopen winter ging het behoorlijk slecht. Op een gegeven moment leek hij zo goed als dood. Het experiment leek dus vrij vroeg afgelopen.
En toen kwam er in het voorjaar toch weer beweging in. Nieuwe blaadjes, nieuwe groei. Er bleek nog een hoop leven in te zitten.
Van bijna weg naar weer groeien
01
Na de winter
Slappe bladeren, een paar verdroogde bruine resten in het midden. Hier had ik niet veel meer van verwacht.
02
De eerste uitlopers
Rondom de voet kwam ineens een dichte pol kleine groene scheuten omhoog.
03
Nieuwe groei in het hart
Tussen de oude, gevlekte bladeren werkte zich helgroene nieuwe groei naar boven.
04
Nu
Vol en gezond, met de bruinrode vlekken die er bij deze soort gewoon bij horen.
De verkeerde pot, of toch niet
Na de winter heb ik hem overgepot naar een grotere pot. Ik ging ervan uit dat hij daarna wel los zou gaan, maar er gebeurde weinig. Dus weer lezen.
Daar kwam ik tegen dat een bananenplant goede drainage wil: gaten onder in de pot, zodat overtollig water weg kan en er meer lucht bij de wortels komt. Die gaten zaten niet in mijn pot.
Ik had hem net netjes overgepot toen ik dat las. Dus kon alles er weer uit: plant eruit, grond eruit, pot omdraaien, gaten boren, alles terug. Blijkbaar hoort ook terugbouwen bij tuinieren.
En toen gebeurde er wel iets
Na die drainagegaten deed hij het duidelijk beter. Ik ga niet beweren dat het alleen door die gaten kwam, maar vanaf dat moment kwam er zichtbaar meer op gang: nieuwe groei, gezonder ogende bladeren.
Daarna ben ik me in voeding gaan verdiepen. Een bananenplant kan tijdens zijn groeiseizoen behoorlijk wat voeding gebruiken, las ik, dus dat kwam er ook bij. Ergens onderweg was het project veranderd van "ik koop een leuke tropische plant" naar zoiets als "ik zit potgrond, drainage, voeding, water en groeisnelheid met elkaar te vergelijken".
De uitlopers
De uitlopers vind ik misschien nog wel het leukst. Je ziet ergens naast de stam een klein groen puntje verschijnen, en een paar weken later staat er gewoon weer een nieuwe bananenplant. De Dwarf Cavendish maakt er inmiddels veel. Een plant die na de winter bijna weg leek, bestaat nu niet meer uit één stam maar breidt zichzelf rondom uit.
Elk groen puntje kan een nieuwe stam worden.
Maar dan de winter
Het nadeel van de Dwarf Cavendish blijft: niet winterhard, dus in de koude maanden moet hij naar binnen. En als je doel juist is om een zo groot mogelijke bananenplant te kweken, zie je het probleem al aankomen. Hoe krijg je zo’n steeds grotere plant ieder jaar weer je huis in?
Daardoor ging ik op zoek naar alternatieven. En zo kwam ik de Musa basjoo tegen.
De Musa basjoo
Over de Musa basjoo las ik steeds hetzelfde: groeit ontzettend snel, kan enorme bladeren maken, kan veel groter worden en kan een stuk beter tegen Nederlandse winters dan een Dwarf Cavendish. Dat klonk vrij precies als wat ik zocht.
Dus begin augustus heb ik er meteen twee gekocht.
Zo klein begonnen ze. Op het label: Japanese Fiber Banana.
Grotere potten
Allebei heb ik ze na de aankoop overgepot naar grotere potten, met drainagegaten en een laag onderin waar water doorheen kan zakken. Door dit hele gedoe ben ik steeds meer gaan letten op potformaat, drainage, grond, water, voeding, zon, temperatuur en groeisnelheid.
Het gekke is dat ik dat niet van plan was. Ik wilde gewoon iets groots laten groeien, en daardoor ben ik vanzelf over al die losse dingen gaan lezen.
Net verpot. De voorste had meteen al een nieuwe scheut aan de voet.
Twee dezelfde planten, twee andere verhalen
Ik kocht ze samen: zelfde soort, zelfde week, zelfde bedoeling. En toch doen ze nu al iets heel anders.
Eén groeit alsof hij haast heeft. Nieuwe bladeren, gewoon lekker door. De ander ziet eruit alsof hij het heeft opgegeven, terwijl er ondertussen doodleuk een nieuwe scheut naast omhoog komt. Ik heb dus nog geen idee welke van de twee over een jaar de grootste is.
De een groeit door, de ander lijkt er even klaar mee. Voorlopig weet ik nog niet hoe dit afloopt.
Zon is ook niet altijd beter
Meer zon betekent trouwens niet automatisch dat een plant er blijer van wordt. Op warme, zonnige dagen gaan de grote bladeren soms slap hangen. In het begin was dat even zoeken: te weinig water, te veel zon, of iets anders? Omdat je bij zo’n plant elke verandering meteen terugziet, blijf ik kijken wat hij doet en probeer ik daarop te reageren.
Drie planten, drie experimenten
Op dit moment staat het er zo voor.
De Musa Dwarf Cavendish is de eerste. Na de winter bijna verloren, inmiddels weer stevig aan het groeien en met veel nieuwe uitlopers. Moet in koude winters naar binnen.
Musa basjoo 01 doet het op dit moment goed en maakt nieuwe bladeren. Voorlopig de plant waarbij het experiment het hardst gaat.
Musa basjoo 02 oogt op dit moment minder goed. De hoofdstam hangt er wat bij, maar er komt wel een nieuwe uitloper naast omhoog. Hoe dat zich ontwikkelt is nog volledig onduidelijk.
Het begon met het idee dat een grote bananenplant gewoon heel vet zou staan. Inmiddels boor ik gaten in potten en houd ik nieuwe bladeren nauwlettend in de gaten.
Hoe groot is groot genoeg?
Mijn oorspronkelijke idee is nog steeds hetzelfde: kijken hoe groot ik ze kan krijgen. Een exacte eindhoogte heb ik niet in mijn hoofd, want juist het proces is het leuke. Zou een Musa basjoo richting de drie of vier meter gaan, dan zou ik dat natuurlijk fantastisch vinden.
Maar wat ik vooral wil, is de komende seizoenen blijven vastleggen. Hoe snel ze groeien, hoeveel bladeren ze maken, hoe groot die bladeren worden, hoeveel uitlopers erbij komen, wat er na een winter overblijft, hoe snel ze in het voorjaar terugkomen en welke plant het uiteindelijk het beste doet.
De eerste winter van de basjoo’s
De twee basjoo’s gaan hun eerste winter bij mij nog tegemoet. Ik ben benieuwd wat er gebeurt. Wordt het inpakken en beschermen? Sterft het bovengrondse deel deels af? Hoe snel komt er volgend voorjaar weer groei? Dat wordt een volgend hoofdstuk, met nieuwe foto’s erbij.
Voorlopig is er dus geen eindresultaat. Eén plant kwam terug van een slechte winter, twee andere zijn net begonnen en tussen de stammen door komen alweer nieuwe scheuten omhoog. Ik blijf water geven, kijken, aanpassen en vooral foto’s maken. Voorlopig groeit deze pagina gewoon met de planten mee.
Af en toe komt er iemand langs om te controleren hoe het gaat.
Dezelfde manier van denken
Groei zichtbaar maken
Bij een plant zie je meteen wat er gebeurt. Een nieuw blad, een nieuwe scheut of een paar centimeter erbij is direct resultaat.
Uitproberen
Grotere pot, andere plek, meer voeding of juist minder zon. Ik verander één ding en kijk daarna wat de plant ermee doet.
Geen eindpunt
Er is voorlopig geen versie die af is. Ieder nieuw blad verandert de plant weer en ieder seizoen begint een volgend hoofdstuk.